De thuismanager

Gepubliceerd op Vrijdag 04 mei 2012
Soms lees ik een titel van een artikel en neemt mijn fantasie het over. ‘De Nederlandse huisvrouw verdwijnt.’ Ik krijg direct een soort Thelma and Louise-achtige taferelen in mijn hoofd. Twee vrouwen die er vandoor gaan. Niet om de moord die zij pleegden, maar om het feit dat ze de afwas beu zijn. Ik begin te lezen. Er zijn steeds minder huisvrouwen om twee redenen. De eerste is simpel, er werken steeds meer vrouwen. Van de tweede krijg ik jeuk. De huisvrouwen die nog bestaan noemen zichzelf thuisblijfvrouw, zorgmoeder of thuismanager. Thuisblijfvrouw? Alsof je van je man niet weg mag.
Zorgmoeder? Alsof je overloopt van de zorgen. Thuismanager? Dat is hetzelfde als een stratenmaker een trottoir-manager noemen. Een prima beroep een chiquere naam geven. Het feit, dat de huisvrouw uitsterft heeft te maken met twee invloeden. Ofwel vrouwen kunnen het niet, ofwel vrouwen vinden het onbelangrijk. Kan ik het niet? Als ik de ramen zeem hou ik steevast meer strepen over als vlekken die er op stonden en als ik de was doe verdwijnen er meer sokken dan ik er in deed. Eerste klopt. Vind ik het onbelangrijk? Tja, ik kan prima afdrogen met een gekreukelde theedoek en speel liever met mijn meiden en hun barbies dan dat ik ze hysterisch wegmoffel omdat er toevallig bezoek zou kunnen aanbellen. In ons huis wordt geleefd en dat mag gezien worden. Dus de tweede klopt ook. Dit betekend absoluut niet dat ik geen groot respect heb voor de bestaande huisvrouw. Als ik mijn kinderen ophaal van een speeldate vraag ik me regelmatig af hoe ze dat doen? Een glimmende vloer, keurig opgeruimd aanrecht, geurend diner op het fornuis en mijn kleine terrorist die keurig op de bank zit. “De mama van mijn vriendje vroeg wat jij voor werk deed? Ik zei mama is een krant.” Ik verslik me bijna. “Zijn mama is thuismanager. Dan heb je altijd een schoon huis, lekker eten en sokken die bij elkaar horen.” Ik voel aankomen dat ze gaat zeggen dat ik alles kan worden wat ik wil. “Mama?” ze kijkt me lief met haar grote poppenogen aan. Ik beloof direct plechtig elke dag
te schrobben. “Ik vind twee verschillende sokken veel leuker!”