Ik ben een heks!

Gepubliceerd op Vrijdag 04 mei 2012
We waren met zijn zessen en dronken thee. Er werd gekletst over van alles en ik dwaalde weer eens af. Ik dacht aan een Middeleeuwse film, gebaseerd op waargebeurde feiten. Een moeder met een ziek dochtertje. Zij waste het kind met kruiden en weigerde haar naar de priester te brengen. Zij geloofde in de kracht van de natuur en liefde van zichzelf. Ze werd voor heks aangezien en onderging de weegtest. Zij links, bijbel rechts. Ze woog meer als de bijbel en werd levend verbrand. Haar zieke dochtertje kreeg de drijfproef. Ze werd aan haar armpjes en beentjes bij elkaar gebonden en in het water gegooid. Als ze zou blijven drijven was ze een heks. Ze zonk en verdronk, onschuldig maar dood. 
 
Een vriendin verkondigde opeens luid dat zij ging trouwen in de kerk. ‘Maar je gelooft helemaal niet?’ vroeg een ander. “Dat vind ik gewoon mooi en dat zo’n priester dan wat loze woorden mompelt, neem ik voor lief.” Ze moest weer verder regelen. Ze was de hoek nog niet om of de ongezouten meningen werden verdeeld. Hypocriet, oneerlijk, nep. Ik roerde wat in mijn verse muntthee en keek dromerig hoe de blaadjes in de kolk dansten. Ik kreeg een elleboog en schrok wakker. Mijn mening? “Als zij daar gelukkig van wordt, wie ben ik dan om daar over te oordelen?” Ik werd beledigd aangekeken. “Jij hebt geen geloof, dat telt niet.” Wacht! Omdat ik niet in een God geloof, telt mijn mening niet? “Ik heb wel een geloof!” Ze gniffelden. “Ik ben een heks,” zei ik met een genoegzaam glimlachje. Ze schaterden van het lachen. Ik keek bloedserieus. Ze stopten en keken angstig. ‘Predik je daarom steeds zout en ui bij elk verkoudheidje? Zeg je bij het zien van een uil dat er een wijs besluit aankomt? En droom je daarom altijd zo weg als je in je thee roert? Zie je nu iets trouwens?” Ik kan mijn lach amper inhouden terwijl ik de muntblaadjes laat dartelen. Ik trek mijn wenkbrauwen verbaasd op en ze vallen bijna met hun neus in de thee van nieuwsgierigheid. “Ik zie een stel oordelende vrouwen die een stuk gelukkiger zouden zijn wanneer ze de ander alles gunnen wat ze zichzelf ook gunnen!”