Krantenwijk

Gepubliceerd op Donderdag 21 april 2016
Mijn dochter is vorige week voor het eerst begonnen met een krantenwijk. Ik vind dat wel een goede zaak. Ze is 13, dus nu mag het. Sterker nog; het moet, want dat hoort nu eenmaal bij de opvoeding.
Het is zo goed omdat ze op deze manier pas echt de waarde van geld leren kennen. 
‘Hoe laat komen ze je tas en de kranten brengen?’ vraag ik geïnteresseerd.
‘Ik weet het niet precies, maar ik krijg geen tas.’
‘Je krijgt geen tas?’ vraag ik verbaasd.
‘Nee, want die kost tien euro borg, dus dan heb ik de eerste twee weken nog niets verdiend.’
Op de vraag hoe ze de kranten dan denkt te gaan bezorgen volgt een lange stilte, met een opgewekte: ‘in mijn fietsmandje’ er achteraan.
Gelukkig kon ik haar overhalen om er toch nog even achteraan te bellen, met het vriendelijke verzoek toch even een tas te bezorgen. Want als je geld wilt verdienen moet je altijd eerst investeren. That’s life.
De eerste keer dat ze de kranten komen brengen komt ze er achter dat ze ook nog een special moet insteken. Na anderhalf uur steken is ze dan eindelijk klaar. ‘Gelukkig is het droog!’ zegt ze lachend en opent de deur. Terwijl ze haar tassen volstopt begint de lucht behoorlijk te betrekken. 

‘Tja, ze zullen toch bezorgd moeten worden,’ zeg ik streng. Ze stapt op haar fiets en heeft moeite de fiets in evenwicht te houden. Daar gaat ze. Ik kijk hoe ze de straat tot halverwege rijdt en dan stopt. Maar ze heeft geen plek om haar zware fiets ergens tegen aan te zetten. Ze loopt een stukje verder en plaatst hem tegen de lantaarnpaal. Blijft even wachten tot ze zeker weet dat hij niet valt en loopt dan naar de deur. Ik ga weer naar binnen en na vijf minuten valt het met bakken uit de hemel. Ze is niet van suiker, mompel ik tegen mezelf. Na twee en een half uur komt ze terug. Door en doornat.
‘Ik ben ongeveer op de helft zegt ze.’ Ik knik. ‘Ja, kun je nagaan hoe lang je moet werken om een pizza te eten met je vriendinnen of dat leuke telefoonhoesje te scoren.’ Ze knikt en veegt haar natte lokken uit haar gezicht.

Als ze de laatste krant heeft bezorgd is ze er bijna de hele dag mee bezig geweest. 
Ze ging zelfs eerder naar bed omdat ze er moe van was. 
Ik moet wat kilootjes kwijt zo voor de zomer, dus ik heb besloten om weer te gaan fietsen. Dan ga ik dezelfde ronde doen als mijn dochter. Niet omdat ik het stiekem zielig vind al die straten hier met die drie huizen waar ze dan dat hele pokkeneind voor moet fietsen. Nee, het is goed voor mij. Puur eigen belang, want ik ben heus wel een strenge moeder hoor.