Ongeremde liefde

Gepubliceerd op Donderdag 29 september 2016
Gisteren had ik een oudergesprek op school. Geregeld is dit stof voor een column. Omdat je dingen te horen krijgt die je niet had verwacht of juist een feest van herkenning zijn. Een oudergesprek kan alle kanten op.

Nu was alles goed, rapport was op alle punten verbetert, gedrag was uitstekend. Fluitend loop ik de klas uit, maar wel zonder columnonderwerp. Twee jongens lopen de trap op. 
Ik schat een jaartje of elf. De grootste jongen vraagt de ander: 'Voor wie ben jij nu?' De kleinste lacht hard. 'Voor Ronaldo natuurlijk! Jij toch ook?' De jongen schudt zijn hoofd. 'Nee, ik ben voor Duitsland!' De kleine is geschokt. 'Duitsland? Hoe kun je nu voor de Duitsers zijn?' Grote twijfel. Dan aarzelend; 'Waarom kan dat niet dan? Het zijn toch onze buren!' De twee raken in een verhitte discussie waarbij je duidelijk de mening van de ouders terughoort. 

Ik besluit me er eens tegenaan te bemoeien. 'Jongens, jongens maak je niet zo druk. Wales gaat toch winnen!' 
Ze kijken me aan alsof ze water zien branden. De Ronaldo-fan glimlacht en zegt: 'Ik weet niet hoor mevrouw, maar de laatste keer dat Wales iets heeft bereikt was in 1958. Dat was de kwartfinale van het WK en die verloren ze zelfs.' 

Ik recht mijn schouders: 'Weten jullie wel hoe belangrijk dat is? Dat het juist niet vanzelfsprekend is? Hebben jullie de beelden niet gezien van de duizenden huilende fans in de file omdat dit de wedstrijd van hun leven ging worden en ze hun team waarschijnlijk niet konden aanmoedigen? Nog nooit nam Wales deel aan het EK. Denken jullie niet dat wanneer je het dan eindelijk haalt, je alles wat je in je hebt op dat veld gooit? Dat het doorzettingsvermogen en de ambitie dan uit je tenen komt? Dat de fans vanuit de tribune al hun hoop, geloof en liefde als een warme deken over de spelers verspreiden?' Ik word zelf bijna emotioneel van mijn relaas.
Maar de twee schudden hun hoofd: 'Nee, hoor. Wij weten dat de beste gewoon wint. En de beste is Ronaldo.' 
'Of Duitsland,' vult de ander aan, 'want je kunt van alles zeggen over de Duitsers, maar ze spelen wel altijd door tot de allerlaatste seconde. Mijn opa denkt trouwens dat Frankrijk wint. Maar Wales?!' Ze lachen allebei. 

'Wacht maar jongens, onderschat nooit de underdog!' Ze kijken schaapachtig: 'Let op mijn woorden,' roep ik ze nog na, terwijl ze hard lachend weglopen. Wat heb ik toch een ongeremde liefde voor de underdog. Een ontembare passie voor de waarschijnlijke verliezer. Ik hou van de onwaarschijnlijkheid. Kom op Wales! Al is het maar om die twee snotneuzen te leren dat alles kan. 
Wonderen bestaan heus wel, zelfs als je er niet in gelooft!